


Geheel per toeval belandde ik eerder deze week in een bijzondere activiteit. Ik startte met een boswandeling van ruim 10 km, uitgezet door Staatsbosbeheer. De informatiezuil aan het begin beloofde mij in 2,5 uur langs Nederlands erfgoed, zoals grafheuvels en hunebedden, te leiden. Maar ik had nog geen kilometer gelopen of ik zag een paaltje met daarop een rood bordje met de tekst: ‘Sta hier even stil. Open je armen, haal diep adem, kijk naar het bladerdek van deze imposante beukenlaan en adem langzaam uit. Voel de weidsheid van de natuur en herhaal dit ademritueel 7 keer’. Zonder nadenken volgde ik de instructie nauwkeurig op. Ik opende mijn armen, richtte mijn blik naar boven en ademde in en uit. In en uit. Terwijl ik daar stond te snuiven, hoorde ik het ruisen van de wind als een rustgevende muziek door de bomen gaan.
“Wat ben jij nou aan het doen?”, vroeg de vriend. “Weet ik niet”, moest ik in alle eerlijkheid bekennen. “Ik doe gewoon wat hier op het bordje staat. Moet je ook eens proberen. Het is écht weldadig.” De vriend aarzelde even. Moest hij hier echt zo raar gaan staan doen? Maar toen opende hij zijn armen en ademde hoorbaar in en uit. Op zijn gezicht verscheen een gelukzalige glimlach.
Tijdens het vervolg van onze wandeling, kwamen we al gauw meer instructiebordjes tegen. Steeds met de vriendelijke uitnodiging om iets te ondergaan. ‘Als de bomen hun bladeren laten vallen, maken ze ruimte voor nieuw leven. Waar zou jij afscheid van willen nemen?’ Of: ‘Deze boom staat hier al heel lang en vindt het goed als je haar omhelst. Wat voel je? Wat ruik je?’
In het begin deden we nog wat lacherig over de vragen en instructies, maar zodra we wat serieuzer gehoor gaven aan de opdrachten, gebeurde er iets. Mijn tempo vertraagde en ik viel stil. Ik genoot door alleen maar te kijken, te ruiken, te voelen en te luisteren. Wat een geluiden maakten die vogels en de wind. Een schuingevallen boom kraakte en dorre bladeren knisperden onder mijn voeten. Ik rook bosgrond, paddenstoelen en die karakteristieke geur van het bos na een regenbui. Ik rustte even uit op een bemoste steen en keek tevreden rond.
“Wat hebben we in hemelsnaam gedaan?”, vroeg de vriend toen we dik 3 uur later weer bij het beginpunt van de wandeling aankwamen. “Was dat nou ‘bosbaden'”, zei ik nog met enige twijfel. “Nooit gedacht dat ik dat nog eens zou doen.”
Een bosbad, Shinrin Yokin, in het Japans, is een rustgevende wandeling door het bos in een uiterst langzaam tempo. Je bent stil. Je laat al je zintuigen maximaal ervaren wat er is. Een bosbad schijnt beter te werken dan medicijnen en als je het onder begeleiding doet, betaal je er flink voor.
Zo’n bosbad kun je natuurlijk best zelf nemen; daar heb je toch helemaal geen hulp bij nodig.