Snoeihard!

Met een geluidskwaliteit die pijn doet aan mijn oren, schalt het Wilhelmus uit de boxen. De sportverslaggever verzoekt ‘alle mensen die dat kunnen’ uit eerbied voor ons volkslied te gaan staan. Naast het podium wordt de Nederlandse vlag gehesen. Omdat op de indoor wielerbaan geen straffe wind waait die onze driekleur trots kan laten wapperen, heeft de organisatie de vlag een kwartslag gedraaid. De rode, witte en blauwe baan hangen verticaal en dat ziet er heel raar uit. Een kwartslag gedraaid, is de Nederlandse vlag gewoon onze vlag niet meer. Maar in het Apeldoornse wielerpaleis kraait geen haan naar deze heiligschennis.

Ik ben bij een wedstrijddag van de Nederlandse kampioenschappen baanwielrennen. Stond al jaren op mijn verlanglijstje, maar het kwam er gewoon niet van. Te druk, niet in het land, familiebezoek of alweer voorbij op het moment dat ik er aan dacht.

Maar dit jaar was ik op tijd én had ik een kaartje: ik kon op pad naar het Omnisport in Apeldoorn. Bij aankomst rond het middaguur was er op het grote parkeerterrein geen enkele plek meer vrij. Zelfs bermen en stoepen stonden vol auto’s. Ja, logisch, dacht ik nog. Dit wielerspektakel is natuurlijk ongekend populair. Heel sportief Nederland wil dit meemaken. Na lang zoeken vond ik een plekje op een ver afgelegen grasveld. Maar toen ik vol verwachting het Omnisport betrad, kon ik mijn ogen niet geloven. Al die lege stoelen! Zo weinig publiek! Hoe kon dat nou? Waar zaten al die mensen dan? (redactie: bij de aangrenzende woonboulevard natuurlijk).

Door het geringe aantal toeschouwers wist ik een plekje op de VIP tribune te bemachtigen. Precies ter hoogte van de start. Van hieruit overzag ik de hele baan. Ik klapte mijn handen stuk voor de winnaars in sprintonderdelen zoals de keirin, de teamsprint en de tijdrit. Ik beet op mijn nagels van spanning bij de afvalkoers en al helemaal bij de koppelkoers. Ik snapte niets van de puntenkoers. Het hardst en het langst klapte ik voor de jeugd (12-14 jaar) die nu al snoeihard over die angstaanjagend, steile baan durfde te gaan. Ik genoot van de vrouwen die beslist niet onderdeden voor de mannen. En natuurlijk was ik helemaal weg van Harrie Lavreysen. Voor de 21ste keer werd hij Nederlands kampioen op een van de vele onderdelen die hij ijzersterk beheerst.

En ik ging staan: iedere keer als dat vermaledijde Wilhelmus uit de speakers schalde en die ‘foute’ vlag werd gehesen. Fotografen brachten de winnaars in beeld, maar gek genoeg waren de sportjournalisten nergens te bekennen. Boeketjes werden uitgereikt, gesponsord door de plaatselijke bloemist. En elke winnaar hees zich in een veel te strak rood-wit-blauw shirtje, gelukkig met de banen horizontaal zoals het hoort bij onze driekleur.

De volgende dag zocht ik in het sportkatern van mijn krant naar een verslag. Maar wat denk je? Totaal geen aandacht voor dit spannende sportfestijn. Geen blije, trotse foto’s van de winnaars. Geen verslag van al die zenuwslopende ritten. Helemaal niets! Dat is toch zielig voor al die sporters die zich tijdens het NK baanwielrennen helemaal stuk hebben gereden?

Daarom richt ik hier alsnog een podium in. Voor Lisa van Belle, Lorena Wiebes, Joerie Schaper, Maarten Hoppezak, Daan Dorenbos, Harrie Lavreysen en alle andere deelnemers aan het NK baanwielrennen 2025. Dank voor deze geweldige, sportieve, spannende dag.

Het ging hard, snoeihard.