Lieve Mona

Wie tussen ’74 en ’99 het roddelblad Story wel eens las (natuurlijk alleen bij de kapper) kent haar wel: Mona. Of beter gezegd: lieve Mona, de rubrieksnaam van een Amsterdamse journalist/schrijver die altijd raad wist. Menig puisterige puber legde grootse levensvragen voor aan Mona om, gelouterd door haar adviezen, weer verder te kunnen in het leven.

Naar eigen zeggen ontving Mona zo’n 500 brieven per week. Die beantwoordde ze allemaal persoonlijk; ik geef het je te doen. Tegen de tijd dat er 700 brieven per week binnenkwamen, lukte dat niet meer en riep Mona assistentie in. Mona, die eigenlijk Loek Kessels-Brandt heette, beweerde dat haar betrokkenheid bij mensen met problemen alles te maken had met haar eigen moeilijke jeugd. Mona wist hoe het leven je kon raken, maar juist door al die tikken was ze zo sterk en wijs geworden.

“Waarom geef je zulke persoonlijke adviezen in een roddelblad?”, werd haar meer dan eens gevraagd. “De mensen weten me hier te vinden”, was haar simpele verklaring. In de hoogtijdagen had de Story een oplage van maar liefst 700.000 abonnees.

Mona’s adviezen waren nooit gericht op de gevolgen van de problemen waar de briefschrijver mee kwam. Mona zocht vooral naar de bron van het probleem, want daar lag volgens haar ook de oplossing. Deze aanpak was de kracht van de rubriek die overigens door Storyhaters als simpel en amateuristisch werd weggezet. De ‘lieve Mona-rubriek’ heeft bijna 25 jaar bestaan. Toen Story het contract met Loek opzegde deden Tineke de Nooij en Imca Marina nog een poging om als de nieuwe Mona door te gaan, maar dat had geen enkele kans van slagen. Voor de lezers was er maar één Mona.

Met de kennis van nu, kun je stellen dat ‘Lieve Mona’ aan de wieg heeft gestaan van de huidige therapeutische chatbots. Weer leggen pubers hun onbegrepen levensvragen gretig voor aan een ‘digitale Mona’. Tegen deze AI Mona zeggen ze alles wat ze bij hun ouders, leerkrachten, vrienden of zelfs de therapeut al lang niet meer durven te zeggen. Maar inmiddels wordt duidelijk dat de AI Mona ook duistere kanten heeft.

Bij de oude Mona moest de vraagsteller op voorhand nog een paar hordes nemen. Om een goede brief te kunnen schrijven moest je even nadenken over de kern van het probleem én de juiste hulpvraag stellen. Als je tevreden was over brief, ging je op zoek naar een envelop en postzegel en fietste je naar de brievenbus. Het antwoord waar je reikhalzend naar uitkeek, kon een tijdje duren. Mona moest immers zo’n 500 brieven per week beantwoorden. Soms duurde het zo lang dat je ondertussen zelf al een antwoord had gevonden. Maar dan de AI Mona. Je hebt je vraag nog niet gesteld of het antwoord plopt al op. Naar de brievenbus? Zo 1970 en ‘mijnheer van Dale’ wacht niet meer op antwoord’.

Toch is inmiddels bekend dat vraagstellers alleen maar onzekerder worden van die rappe, zelfverzekerde AI Mona. Elk antwoord leidt weer tot een nieuwe vraag. En omdat de AI Mona onbeperkt beschikbaar is – er helemaal is voor jou alleen – blijf je maar doorgaan. Anderen heb je helemaal niet meer nodig. De AI Mona wordt jouw therapeut, vriendin, vertrouweling, gewoon jouw allesie.

Maar trekt de AI Mona ook wel eens een grens? Weet ze wanneer de hulpvrager naar de huisarts of een gespecialiseerde therapeut moet of 113 moet bellen? Het is al een paar keer goed mis gegaan: kwetsbare mensen die nog meer in de problemen komen, omdat ze hun AI-therapeut meer vertrouwen dan de echte mensen.

Ik vind die alleswetende Monachatbot met haar gelikte uiterlijk doodeng. Was de echt Mona er nog maar dan kon ik haar mijn prangende vraag voorleggen. “Lieve Mona hoe moet ik mij verhouden tot het voortrazende AI geweld waar geen mens meer aan lijkt te kunnen ontsnappen?”

Lieve Mona … hoe raken mensen weer verbonden met elkaar?”

Plaats een reactie