Survival

Het is zaterdagmorgen 10.00 uur. Ik sta klaar om mee te gaan met een mossenexcursie van ruim 4 uur. De zon schijnt, maar de gevoelstemperatuur zit dicht bij het vriespunt. En het heeft de laatste tijd veel geregend dus het wandelen door het natuurgebied in de Blauwe Kamer bij Wageningen wordt geen kuiertje voor senioren, als ik dat soms gedacht had. Ik ben gesommeerd om laarzen en warme kleding aan te trekken en een lunch mee te nemen. Want op zoek gaan naar mossen is hard werken op de vierkante meter en vooral veel stilstaan en dus kou lijden.

We banen ons een weg door het bos dat het pad verborgen houdt onder een dikke laag, natte klei. Eigenwijs als ik ben heb ik de laarzen niet aangedaan en nu zak ik bij elke stap diep weg in de vette klei. In de luwte van een muurtje van de oude steenfabriek vinden we een uit de kluiten gewassen tongvaren. Een prachtig exemplaar dat de laatste jaren steeds vaker weer in het wild opduikt. Met de mossen heeft deze varen gemeen dat hij zich vermeerdert via sporen die in kaarsrechte streepjes op de onderkant van de tong zitten.

We gaan verder, want deze varen is mooi, maar behoort niet tot de mossen en daar zijn we naar op zoek. Waar ik vroeger met moeite een paar soorten mos wist te herkennen, leer ik nu van de experts in onze groep binnen enkele uren wel 25 verschillende soorten onderscheiden. Turend door mijn loepje ontwaar ik een wereld van minuscule blaadjes, schubben en sporenkapsels.

Ik kruip door buizen, onder muurtjes en omgevallen bomen door en trotseer het prikkeldraad om net dat ene, zeldzame mosje te bekijken. De tocht is een ware survival zo veel moeite moet ik doen om al die mosjes te zien te krijgen. Maar ik krijg kippenvel als we het uiterwaardenmosje ontdekken, dat – zoals de naam al doet vermoeden – uitsluitend in de uiterwaarden van rivieren te vinden is. En ook het kribmos, klauwtjesmos, vliermos en het dubbele snavelbekmos kan ik op mijn lijstje afvinken. Ondanks alle ontberingen tijdens deze tocht weet ik één ding zeker: het is het waard om vies te worden, kou te lijden en honger te krijgen als je de wondere wereld van de mossen wilt ontdekken.

Met dank aan de mossenwerkgroep van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Veldbiologie, afdeling Wageningen voor de prachtige vertellingen over mossen.

Lees ook het verhaal ‘Goed zoeken’ en ‘De wondere wereld’ of bekijk de pagina ‘Mooi’.

Plaats een reactie